Groep 6, Blok 4, Week 1, Les 1

Groep 6, Blok 4, Week 1, Les 1

Open deze lesJe kunt Gynzy gratis uitproberen.

8.000 scholen gebruiken Gynzy

92.000 leerkrachten gebruiken Gynzy

1.600.000 leerlingen gebruiken Gynzy

Introductie

Je activeert de voorkennis door de leerlingen in tweetallen breuken te laten tekenen. Kies een breuk en laat de ene leerling de breuk tekenen in een strook en de ander in een cirkel. Vervolgens teken je de juiste verdeling op het digibord.

Teken de breuk 1//2 en 5//10. Wat valt je op?

Benoem het lesdoel en het belang van de les. Bespreek dat je kunt bepalen hoe je breuken verdeelt, zodat het samen 1 is.

Instructie

Groep 6, Blok 4, Week 1, Les 1
Herhaal de begrippen teller en noemer en geef aan dat bij een hele breuk alle delen gekleurd zijn. De teller en noemer zijn dus gelijk. Benadruk dat 4//4 hetzelfde is als 1.

Noem een andere hele breuk.
Bedenk 2 hele breuken, waarbij de ene breuk het dubbele is van de andere breuk. (bijvoorbeeld 4//4 en 8//8 )

Screenshots definitief
Kijk eerst welke breuk bij de afbeelding hoort. De taart is in 5 gelijke delen verdeeld en er zijn 5 delen gekleurd. De breuk is dus 5//5. Dit is hetzelfde als 1 hele. Als 2 van de 5 delen blauw zijn gekleurd, krijg je de breuk 2//5. 3 delen zijn niet blauw gekleurd. Dat is 3//5 deel. Het gekleurde en niet-gekleurde deel vormen samen een hele.
Oefen daarna met het bepalen van een hele breuk. Teken lijnen tussen de 2 taarten die samen een hele taart vormen. Oefen hier ook mee aan de hand van een afbeelding. Kleur ter verduidelijking de gegeven breuk in de afbeelding en geef aan dat het deel dat nog niet gekleurd is de ontbrekende breuk is.

Welke stappen zet je om een breuk aan te vullen tot een hele?
Welke breuk hoort bij een taart die in 8 delen is verdeeld? Welke breuk krijg je als 3 delen worden opgegeten?

Ga kort in op het tekenen van een hele breuk. Bepaal eerst welk deel van het brood is getekend en vul dit aan tot een hele. In het voorbeeld moet je dus nog 2//3 deel tekenen. Je weet dat 1//3 deel 5 centimeter is. Leg uit dat het deel dat je moet tekenen ( 2//3 ) dus 10 centimeter is. Oefen dit samen.
Leg vervolgens uit hoe je zonder afbeeldingen een breuk aanvult tot een hele. Zet de 1 om naar een breuk die aansluit bij de gegeven breuk. Daarna kijk je naar de teller van de gegeven breuk en tel je verder tot je bij de teller van de hele breuk bent. Oefen hiermee. Vervolgens geven de leerlingen aan welke 2 breuken samen een hele vormen en omcirkel deze breuken.
Controleer of de leerlingen begrijpen hoe je breuken aanvult tot een hele door te vragen wat er fout is gegaan. Kleur de afbeelding om te laten zien dat 6//10 en 4//10 samen een hele vormen.

Verwerking

Bespreek de voorbeeldopgaven om de leerlingen een beeld te geven van wat ze kunnen verwachten in de verwerking. Leerlingen die de verlengde instructie niet hoeven te volgen, gaan zelfstandig aan de slag met de verwerking van de les en de taak.

Verlengde instructie

Herhaal de begrippen teller en noemer en geef aan dat bij een hele breuk alle delen gekleurd zijn. De teller en noemer zijn dus gelijk. Benadruk dat 3//3 hetzelfde is als 1. Laat vervolgens zien hoe je een breuk aanvult tot 1. Maak dit visueel door een deel van de afbeelding groen te kleuren. Het gekleurde deel is 1//4. Wijs de delen aan die niet groen gekleurd zijn en geef aan dat dit er 3 zijn, dus 3//4 deel. Deze breuken samen vormen 4//4 deel, dus een hele.
Vervolgens oefenen de leerlingen met het aanvullen tot een hele. Kleur steeds de breuk die gegeven staat en vraag welk deel niet gekleurd is. Het niet-gekleurde deel is de ontbrekende breuk.

2 breuken vormen samen een hele. Welk deel van de breuken is hetzelfde? (de noemer)

Daarna laat je zien hoe je zonder afbeeldingen een breuk aanvult en laat je de leerlingen hiermee oefenen. Benadruk dat je de hele eerst omzet naar een bijpassende breuk.

Afsluiting

Je controleert of de leerlingen het lesdoel begrijpen door te vragen welke stappen ze zetten om een breuk aan te vullen tot een hele. Daarna draai je de draaischijf en laat je de leerlingen in tweetallen 2 breuken bedenken die bij de afbeelding aansluiten en samen een hele vormen. Eerst bedenkt de ene leerling een breuk en vult de ander aan tot een hele. Bij de volgende afbeelding zijn de rollen omgedraaid. Bespreek per afbeelding dat er meerdere combinaties van breuken juist zijn.

Over Gynzy

De digitale oplossingen van Gynzy zijn altijd een waardevolle aanvulling voor jouw basisschool. Versterk je onderwijs met kant-en-klare lessen, activiteiten en hulpmiddelen. Hiermee bespaar je tijd die je weer in kunt zetten waar het er echt toe doet: voor de klas. 

Gynzy geeft leerkrachten weer tijd om les te geven.

Naar de Gynzy homepage

Ga aan de slag met Gynzy!