Groep 5, Blok 4, Week 3, Les 13

Groep 5, Blok 4, Week 3, Les 13

Open deze lesJe kan Gynzy gratis uitproberen.
Teacher
Kids

8.000 scholen gebruiken Gynzy

92.000 leerkrachten gebruiken Gynzy

1.600.000 leerlingen gebruiken Gynzy

Introductie

Je activeert de voorkennis door te oefenen met het beredeneren of een schaduw bij een object hoort. Laat de leerlingen kijken naar de afbeelding en de schaduw. Vraag waarom de schaduw wel of niet bij de afbeelding past.

Welke objecten passen bij de schaduwen die niet overeenkomen met de afbeeldingen?

Benoem het lesdoel en het belang van de les. Bespreek dat je door de schaduw te herkennen erachter kunt komen vanaf welke kant het licht komt.

Instructie

Je legt uit dat een schaduw ontstaat naast een object wanneer er licht op het object schijnt. Een schaduw is een donker gedeelte waar geen licht schijnt. De lichtbron kan een lamp of de zon zijn.

Waar valt de schaduw als de zon niet aan de rechterkant, maar aan de linkerkant staat?
Wat gebeurt er met de schaduw als er aan de linkerkant een lantaarnpaal staat en aan de rechterkant de zon?

Leg uit dat de schaduw meestal lijkt op het object. Vergelijk de schaduw met het object door op alle details te letten. Waar de schaduw komt is afhankelijk van de positie van de lichtbron en de richting waar de lichtbron heen schijnt. De schaduw is altijd in de tegenovergestelde richting van waar het licht vandaan komt. Soms vervormt de schaduw, doordat het object voor iets anders staat, bijvoorbeeld een trap. De vorm van de schaduw beweegt dan mee met de vorm van de achtergrond.
Laat de leerlingen vervolgens oefenen met het beredeneren of een schaduw bij een object hoort.

Waar let je op als je de schaduw aan een object koppelt? (Je let op alle details van het object en vergelijkt dat met de schaduw.)
Waar staat de lichtbron die schijnt op de hamburger?

Groep 5, Blok 4, Week 3, Les 13
Leg uit dat de zon opkomt in het oosten en onder gaat in het westen. De zon staat dan schuin boven de aarde. Dit zorgt ervoor dat er een lange schaduw ontstaat. In de middag is de schaduw juist kort, omdat de zon recht boven de aarde staat. Aan de hand van de schaduw kun je dus zien of het ochtend, middag of avond is. De schaduw is altijd in de tegenovergestelde richting van waar het licht vandaan komt. De windroos geeft verschillende richtingen aan. Benoem de windrichtingen aan de hand van de windroos. Als het licht schijnt vanaf het noordoosten dan komt de schaduw in het zuidwesten.
Oefen daarna met het koppelen van een schaduw aan de positie van de lichtbron. Benoem ook vanuit welke richting de lichtbron schijnt en naar welke richting de schaduw gaat.

Als je niet kunt zien welke kant de schaduw opgaat. Waar kijk je dan naar om erachter te komen welke kant de schaduw opgaat?
Waarom is de ene schaduw langer dan de andere schaduw?

Oefen daarna met het koppelen van een schaduw aan de positie van de lichtbron.
Controleer of de leerlingen begrijpen hoe je schaduwen kunt koppelen aan de positie van de lichtbron door te vragen hoe ze de uitspraak controleren.

Verwerking

Bespreek de voorbeeldopgaven om de leerlingen een beeld te geven van wat ze kunnen verwachten in de verwerking. Leerlingen die de verlengde instructie niet hoeven te volgen, gaan zelfstandig aan de slag met de verwerking van de les.

Verlengde instructie

Je herhaalt dat een schaduw ontstaat naast een object wanneer er licht op het object schijnt. De schaduw lijkt meestal op het object. Vergelijk de schaduw met het object door op alle details te letten. De schaduw is altijd in de tegenovergestelde richting van waar het licht vandaan komt. Als het licht schijnt vanaf het zuidoosten dan komt de schaduw in het noordwesten. Laat de leerlingen daarna oefenen met de schaduw bij het object vinden en het koppelen van de schaduw aan de positie van de lichtbron.

Vanuit welke richting schijnt de lantaarnpaal op bal A?

Afsluiting

Je controleert of de leerlingen het lesdoel begrijpen door te vragen waar de schaduw van de jongen hoort te zijn. Daarna schijnen de leerlingen in tweetallen met een zaklamp op 2 objecten. Laat de leerlingen vertellen wat het verschil is tussen de schaduwen. Vervolgens vouwen ze een papiertje als een trap en houden ze dit achter de 2 objecten. Laat de leerlingen benoemen wat het verschil is tussen de schaduwen zonder achtergrond en met achtergrond.

Over Gynzy

Gynzy maakt onderwijs makkelijker én leuker. Versterk je onderwijs met kant-en-klare lessen, activiteiten en hulpmiddelen. Hiermee bespaar je tijd die je weer in kunt zetten waar het er echt toe doet: voor de klas. 

Gynzy geeft leerkrachten weer tijd om les te geven.

Naar de Gynzy homepage

Ga aan de slag met Gynzy!