Fout ≠ Verkeerd

10 oktober 2017 | leestijd: 4 minuten

Is een fout per definitie verkeerd, of is een fout niets anders dan een onverwachte uitkomst? Wat doet de software als de leerling een fout antwoord geeft? Hoe ga je om met fouten in je klas?

Hoe je omgaat met fouten is bepalend voor de intrinsieke leermotivatie en -effecten van je leerlingen. Dit beperkt zich niet alleen tot wat een leerling in jouw klas ervaart. Onder anderen White (2012) en Gorard & Smith (2007) toonden bijvoorbeeld aan dat de fundamenten voor een leven lang leren gelegd worden in het initiële onderwijs. Met andere woorden: een positieve leerervaring in het basisonderwijs is van essentieel belang voor een positieve houding ten opzichte van leren in het vervolg van het leven. Zoals Joseph Kessels (2017) aangeeft: “bereid mensen voor op een leven lang leren, niet op levenslang leren.” Leren is een cadeau, geen straf.

Naast de motivatie blijkt ook het leerrendement hoger te zijn wanneer je fouten ziet als een kans om te verbeteren. Zo impliceert bijvoorbeeld het onderzoek van Moser e.a. (2011) een positieve relatie tussen een juiste (groei) mindset en zowel leeropbrengsten als veerkracht van mensen. Als je fouten ziet als een gebrek aan kunnen, zal je het ook zien als iets verkeerds; iets wat je eigenlijk niet mag maken. Echter, als je fouten ziet als kansen om van te leren en verbeteren, heb je een veel krachtiger mechanisme te pakken om van te leren. Zo komen er in de software van Gynzy af en toe ook wat lastige opgaven voor om te kijken of een leerling hier al aan toe is en of hij hier meer uitdaging uit kan halen. Deze fout beantwoorden is dan ook helemaal prima.

Vanuit het perspectief van adaptieve software is het ook van groot belang dat een leerling altijd zelf antwoord geeft. De enige manier waarop de software kan vaststellen wat het niveau van een leerling is, is aan de hand van het gegeven antwoord. Wordt dit antwoord voorgezegd door een klasgenoot, broer, zus, ouder of juf, dan krijgt de leerling onterecht een te hoge vaardigheid toebedeeld met daarop gebaseerde moeilijkere vragen waar hij nog niet aan toe is. Ook het overslaan van opgaven helpt niet om het juiste niveau vast te kunnen stellen. Als een leerling een antwoord niet weet is dat juist een leerkans. Zodra geen eigen antwoord wordt gegeven, is deze leerkans als het ware vergooid. Vaak is er een sterke drang om per se het goede antwoord, of dan maar geen antwoord te willen geven. Alles om maar een fout antwoord te voorkomen. Dit heeft echter een averechts effect op het leerrendement van de oefeningen. Fouten maken is in leerprocessen en in het bijzonder voor adaptieve software dus cruciaal.

De kunst is om een fout-waarderend klimaat te creëren in je klas. Dan doelen we natuurlijk niet op het belonen van wangedrag. Maar consequent op de juiste manier omgaan met foute antwoorden – deze zien als onverwachte uitkomsten en daarmee bijzondere leerkansen – is hiervoor wezenlijk. Wanneer je dit vertaalt naar de software van Gynzy kan je het volgende vaststellen: een leerling die een les foutloos maakt (uitsluitend groene bolletjes) heeft waarschijnlijk van zijn opgaven vrij weinig geleerd. Hij wist immers altijd al het juiste antwoord. De beheersing van de stof is wel hoog. Een leerling die daarentegen in zijn lesresultaat een afwisseling laat zien van goede, foute en herstelde antwoorden (een mix van groene, rode en oranje bolletjes) heeft juist heel veel geleerd. Wanneer je dus je verwachtingen merkbaar bijstelt en oprechte fouten maken tot norm stelt schep je een bijzonder sterk leerklimaat. Fouten maken wordt de nieuwe norm in je klas. Leerlingen moeten zich hier veilig toe voelen. Ook als leerkracht fouten (durven) maken hiervan leren en dit expliciet benoemen en delen met je leerlingen draagt hieraan bij. Waardeer dus niet alleen de leerling die een les eindigt met een kroontje, maar waardeer ook de leerling (desnoods een dag later) die in de lesresultaten laat zien het meest geleerd te hebben. Bedenk hierbij ook dat een norm die je eerder aanhield (zoals de 80%-norm) niet van toepassing kan zijn op adaptieve software. Leerlingen maken namelijk opgaven op hun eigen niveau en een goed-fout-percentage is niet vergelijkbaar tussen leerlingen met ieder eigen niveaus.

Lestip

Door deze vragen met je klas te bespreken kan je de houding van elkaar ten opzichte van het maken van fouten gezamenlijk analyseren en bijsturen:

  1. Is het erg om fouten te maken?
  2. Als je helemaal geen fouten maakt, wat heb je dan geleerd?
  3. Wat vind je ervan als jouw buurjongetje die twee jaar jonger is een fout maakt die jij niet meer zou maken? En als je datzelfde nu naar jezelf vertaalt?

Referenties:

Gorard, S., & Smith, E. (2007). Do barriers get in the way? A review of the determinants of post‐16 participation. Research in Post-Compulsory Education, 12(2), 141–158. http://doi.org/10.1080/13596740701387437
Kessels, J.W.M. (2017, 4 oktober). Afscheidsrede Universiteit Twente. Keynote gepresenteerd tijdens de HRD Werkvelddag in Enschede, Nederland.
Moser, J. S., Schroder, H. S., Heeter, C., Moran, T. P., & Lee, Y.-H. (2011). Mind Your Errors. Psychological Science, 22(12), 1484–1489. http://doi.org/10.1177/0956797611419520
White, P. (2012). Modelling the “learning divide”: predicting participation in adult learning and future learning intentions 2002 to 2010. British Educational Research Journal, 38(1), 153–175. http://doi.org/10.1080/01411926.2010.529871

 

Door |2018-05-08T10:50:08+00:0010 oktober 2017|Beschouwing, Tips & Tricks, Verwerkingssoftware|

Over de auteur:

Pieter is onderwijskundige. Hij is gespecialiseerd in leerlingmotivatie, spelling en grammatica.