Leerlijn Taal

Grammaticale kennis ⟩Zinsdelen

Werkwoordelijk gezegde

1F 7,8

HomeLeergebiedenTaalLeerlijnWerkwoordelijk gezegde

Toelichting

Het werkwoordelijk gezegde wordt gevormd door alle werkwoorden in een zin. Hier hoort ook de persoonsvorm bij. Het werkwoordelijk gezegde is een zinsdeel dat aangeeft wat er wordt of is gedaan. Dit zinsdeel is soms één woord, maar het kan ook uit meerdere woorden bestaan.

Ook het woord te hoort bij het werkwoordelijk gezegde wanneer het staat voor een heel werkwoord.

Ik heb zin om een ijsje te eten.
Werkwoordelijk gezegde = heb te eten.

Hij heeft weer wat te zeuren.
Werkwoordelijk gezegde = heeft te zeuren.

Naast het werkwoordelijk gezegde is er het naamwoordelijk gezegde. Dit komt aan bod in Naamwoordelijk gezegde.

Voorbeeld

Adam graaft een kuil. 

Op maandag is de speeltuin bij mijn oma in het dorp geopend.

Ik probeerde je te bellen.

Content in Gynzy

Grammatica

Grammatica

  • Redekundige ontleding
    • Zinsdelen
      • Werkwoordelijk gezegde (begrip)