Leerlijn Taal

Taalproductie ⟩Schrijven

Verzorgen

1F 4-8

HomeLeergebiedenTaalLeerlijnVerzorgen

Toelichting

Een tekst leest het prettigst als hij goed verzorgd is. Dit verzorgen van een tekst doe je onder andere door netjes te schrijven en een duidelijke tekstopbouw aan te houden met alinea’s, een titel en eventueel kopjes. Belangrijke woorden of zinnen kunnen dikgedrukt of gekleurd worden zodat ze opvallen en het gebruik van afbeeldingen en grafieken en tabellen hoort ook bij het verzorgen van een tekst.

Alles wat te maken heeft met hoe een tekst op papier staat, de lay-out, kun je verzorgen. Ook als je op de computer werkt moet je je tekst goed verzorgen. Dit werkt vaak wat makkelijker dan met een pen omdat je eventuele fouten eenvoudig kunt verbeteren en achteraf nog alinea’s of kopjes kunt toevoegen.

Instructietip

Geef leerlingen een onopgemaakte instructietekst. Bijvoorbeeld zoiets als hieronder staat. Laat de leerlingen deze op papier overschrijven en voorzien van een mooie lay-out waardoor het duidelijker wordt of geef ze de tekst op de computer en laat ze deze een betere lay-out geven. De leerlingen mogen wat woorden aanpassen als de instructie hierdoor duidelijker wordt. Denk ook aan het toevoegen van afbeeldingen (zelf getekend of gezocht op internet) om de instructie nog duidelijker te maken.

We gaan een appeltaart bakken. Benodigdheden. 200 gram boter op kamertemperatuur, 200 gram witte basterdsuiker, 400 gram zelfrijzend bakmeel, 1 ei (de helft is voor het deeg, de andere helft voor het bestrijken), 8 gram vanillesuiker, snufje zout, 1,5 kilo zoetzure appels (ongeschild), 50 gram rozijnen, 75 gram kristalsuiker, 3 tl kaneel, 15 gram paneermeel, springvorm, oven voorverwarmd op 180°C. Eerst gaan we de springvorm voorbereiden. Deze vet je in met boter en bestuif je met bloem. Zet deze weg. Schil dan de appels en snijd ze in stukjes. De stukjes appel meng je met de kristalsuiker, de rozijnen en het kaneel. Zet ook dit weg. De laatste voorbereiding is het ei. Klop het ei los verdeel het in twee delen. De ene is voor het deeg, de ander voor het bestrijken. Dan gaan we het deeg maken. Meng de boter, de basterdsuiker, het zelfrijzend bakmeel, het halve ei, de vanillesuiker en een snufje zout en kneed dit tot een stevig deeg. Verdeel het deeg in drie delen. Gebruik één deel deeg om de bodem van de vorm mee te bedekken. Het tweede deel deeg gebruik je voor de randen. Strooi het paneermeel op de bodem van de beklede vorm. Het paneermeel neemt het vocht van de appels op. Doe de appels en rozijnen in de vorm. Maak van het laatste deel deeg rolletjes en druk deze plat. Leg deze over het appelmengsel heen in een mooi ruitjespatroon. Smeer de reepjes deeg in met het halve ei dat je hiervoor hebt bewaard. Zet dan de taart iets onder het midden in de oven. Bak in ongeveer 60 minuten op 180 graden gaar en goudbruin. Laat de taart afkoelen in de vorm voordat je de ring verwijdert. Eet smakelijk!