Leerlijn Taal

Grammaticale kennis ⟩Zinsdelen

Directe of indirecte rede

2F 7,8

Toelichting

De directe rede is de letterlijke weergave van wat er wordt gezegd. Dit staat tussen aanhalingstekens. Het tegenovergestelde is de indirecte rede. In dit geval wordt beschreven wat er wordt gezegd en worden geen aanhalingstekens gebruikt.

Bij de directe rede wordt gebruik gemaakt van de dubbele punt, aanhalingstekens en eventueel een punt, vraagteken of uitroepteken als dit bij de uitgesproken zin hoort. Bij de directe reden wordt wat er gezegd wordt ook altijd begonnen met een hoofdletter. Ook wanneer dit niet het begin van de hele zin is. Op het correcte gebruik van leestekens bij de directe rede wordt verder ingegaan in het doel Aanhalingstekens.

De semidirecte rede of erlebte rede wordt in dit doel niet meegenomen. In de semidirecte rede staan de woorden in de volgorde van de directe rede, maar komen de persoon en de tijd overeen met die van de indirecte rede (bijvoorbeeld: Ze dacht dat ze dan maar eens opstapte, zei ze kwaad.)

Voorbeeld

Directe rede

  • “Ik vind je aardig”, zei ze.
  • Ze zei: “Ik vind je aardig.”
  • Rutger zegt: “Een fijne avond gewenst!”
  • De jongen schreeuwde: “Wacht op mij!”

Indirecte rede

  • Ze zei dat ze me aardig vond.
  • Rutger wenste ons een fijne avond.
  • De jongen schreeuwde dat ze op hem moesten wachten.

Content in Gynzy

Grammatica

Grammatica

  • Redekundige ontleding
    • Zinnen
      • Directe of indirecte rede (begrip)